Je bent wat je leest


Gisteren startte de campagne Nederland Leest 2018 in de Nederlandse bibliotheken, het thema dit jaar: voeding, en alles wat daarmee gepaard gaat. De organisator, het CPNB, geeft deze maand in de bibliotheken een gratis boekje weg Je bent wat je leest, met bijdragen van Joël Broekaert, Charlotte Klein, Marion Pauw, Pierre Wind en Ronald Giphart.

Verder waren veel andere voedselschrijvers gevraagd om een bijdrage te leveren, en zo mocht ik ook een stukje schrijven over of de overheid nou wel of niet onze overmatige suikerconsumptie een halt toe moet roepen (ik zal de tekst aan het einde van dit artikel ‘plakken’, kun je mijn mening hierover lezen…). En je kunt natuurlijk naar de bibliotheek gaan om een exemplaar van het boekje op te halen, het is leuk en lezenswaardig!

Tijdens het diner in de bibliotheek van Gouda – prachtig gevestigd in een oude chocoladefabriek – kregen we smaakmakende gerechten geserveerd. Van een voorgerecht uit een 3D-printer, tot een soep van ‘overgebleven groenten’ uit de supermarkt en een ijsje met kweekvlees. Al bleek dat laatste toch niet echt het geval: kweekvlees is nog erg duur, dus had bouillon een baconsmaak aan het ijs gegeven (die aap kwam pas na wat doorvragen uit de mouw).

Verder hoefden we eigenlijk nauwelijks met onze disgenoten te praten, want we kregen allerlei verhalen bij ons diner opgedisd, zoals uitleg over de toekomst van eten uit de 3D-printer. Mij is hierover bijgebleven dat geprint voedsel met name voor de ouderenzorg interessant kan zijn: het ziet er ‘gewoon’ uit, maar is bijvoorbeeld veel makkelijker kauwbaar.

Spruitjeshamburger
Jan Paul Schutten en Pierre Wind hadden wat mij betreft het leukste verhaal. Zij vertelden hoe zij samen op zoek zijn gegaan naar een lekker spruitjesrecept voor kinderen (en voor Pierre Wind zelf, hij haat spruitjes!): dat werd een spruitjeshamburger, die kids na uitvoerig testen erg lekker bleken te vinden (ik ga het recept eens opzoeken en uitproberen). Schutten schreef trouwens het kinderboek voor deze themamaand Graaf Sandwich en andere etenswaardigheden. Een leuke manier voor kinderen om kennis te maken met de geschiedenis van eten en drinken.

Voor of tegen Pollan?!
Tijdens en tussen de gangen door discussieerden met name Rosanne Hertzberger, Ronald Giphart en Joël Broekaert er lustig op los over allerlei onderwerpen onder leiding van Teun van de Keuken. Een ding moet me hierbij van het hart: Giphart gaf aan dat Michael Pollan ten onrechte ageert tegen goedkoop geproduceerd fabrieksvoedsel en dat gelukkig Hertzberger hier met haar Ode aan de E-nummers weer tegenwicht aan biedt.

Met veel dingen ben ik het eens: natuurlijk is ons eten dankzij technologie veiliger,  goedkoper en vermoedelijk ook duurzamer geworden. Bovendien heeft de ‘moleculaire’ keuken ons in (top)restaurants inderdaad fantastische gerechten met geweldige smaaksensaties opgeleverd. Ik eet af en toe met veel plezier in de Librije, Lindenhof of bij een andere enthousiaste kok met of zonder ster. Maar of onze voeding in de supermarkt nou gezonder is geworden? Dat betwijfel ik.

Dooreetfactor
Met name in de supermarktschappen vind je producten met een hoge ‘dooreetfactor’, omdat het lekker is gemaakt met een kwistig gebruik van suiker, zout, geur-, kleur- en smaakstoffen. Ook dankzij die nieuwe technieken. Zo maken fabrikanten hun producten langer houdbaar, maar toch vooral lekkerder in mijn ogen, zodat we er – inderdaad – van dóór willen eten. Denk aan koekjes, chips, pasta, pizza, noedels, brood, vleeswaren, sandwichspreads, salades, kant-en-klare soepen, sauzen, maaltijden, etc. etc. En dat dooreten van dit soort producten heeft nou niet bepaald gunstige effecten op je gewicht, energie en uiteindelijk je gezondheid. Zelf vind ik de ‘regels’ van Pollan – kies voor onbewerkt, niet te veel en vooral planten – juist een fijne richtlijn als ik boodschappen doe.

Heldere etiketten
Van etiketten word je voorlopig niet veel wijzer. Zo blijken er wel vijftig (!) verschillende termen voor suiker op verpakkingen te staan. Is het Engelse systeem met ‘stoplicht’-etiketten voor ons een idee? Het zou wellicht veel mensen helpen om te kiezen voor uiteraard lekkere, maar toch ook gezonde supermarktproducten.

Hierbij tot slot de tekst van mijn bijdrage aan het geschenkboekje (dat eindigt met nog een extra idee voor heldere etikettering:-). En ik blijf bij mijn boekentip. Vooral lezen die Pollan, en maak op een relaxte manier gebruik van zijn eetregels bij je keuzes in het supermarktschap!

Stelling: De overheid moet suiker tegengaan

‘Gemiddeld eten we dagelijks zo’n 120 gram suiker. Hiervan bestaat ruim de helft, omgerekend achttien suikerklontjes, uit toegevoegde suikers die in bewerkte producten zitten. Dat móet minder! Moet de overheid dit voor ons oplossen? Nee! Laten we zélf deze overconsumptie terugdringen. Wat kan ons helpen?

Allereerst kennis: we moeten weten dat een overdaad aan suiker leidt tot overgewicht, metabool syndroom en uiteindelijk chronische kwalen, zoals diabetes type 2. Wat ons ook kan helpen is begrip: we hebben geen natuurlijke rem op suiker, omdat zoete producten gedurende de evolutie een schaars goed waren. Beteugel die hang naar zoet met voldoende slaap, ontspanning, beweging en, uiteraard, gezonde voeding. Ga dus zelf met een inspirerend kookboek de keuken in. Kook met pure, onbewerkte producten en zoet je eten zelf. Wist je trouwens dat je smaakpapillen in twee weken wennen aan een andere, minder zoete smaak?

Oké, een beetje overheidsondersteuning helpt ons ook: het zou fijn zijn als op productetiketten de suiker in klontjes uitgedrukt staat. Dan zie je snel hoeveel er zit in producten als frisdrank, ontbijtgranen, zuiveltoetjes, soepen en sauzen. Zo zijn wij als consument gesterkt en intrinsiek gemotiveerd om bewerkte, suikerrijke producten te mijden. Ik verheug me al op het aanbod dat in supermarkten, kantines en benzinestations zal verschijnen, want uiteindelijk bepalen wij met onze aankopen wat zij in het schap leggen.’

Bronverantwoording voor deze blog:
Liesbeth Oerlemans en Meijke van Herwijnen, Sweet control werkboek
Karine Hoenderdos en Hanno Pijl, Diabetes type 2, maak jezelf beter

Een handleiding om écht te eten

Als je af en toe het spoor op voedingsgebied bijster bent en je afvraagt ‘wat moet ik nu weer eten?!’, dan kan het geen kwaad om het boekje van Michael Pollan er eens bij te pakken met de titel: Echt eten, een handleiding(meer…)

Herstel je hormonen in 10 stappen

Voor de zomer heb ik meegeschreven aan het onlangs verschenen boek Herstel je hormonen in 10 stappen van Vivian Reijs. De eerste druk van dit boek is nu al uitverkocht, superleuk! Ik denk dat het mede zo goed verkoopt omdat veel vrouwen op meerdere momenten kampen met hormonale klachten, denk aan acne, PMS, hevige menstruaties en opvliegers. Daar is vaak meer aan te doen dan je misschien zou denken, en daar helpt dit boek je bij!

In dit boek vind je een duidelijke uitleg van de vijf grootste boosdoeners voor hormonale klachten, waaronder insulineresistentie, oestrogeendominantie en te veel stress. Vervolgens krijg je tien stappen aangereikt die je helpen je hormoonbalans te herstellen. Voor mij is een van de belangrijkste stappen geweest: eet geen tussendoortjes, maar slechts twee of drie goede maaltijden per dag. Maar daarnaast heb ik zeker ook gemerkt dat meer beweging, ontspanning, en vooral gezonde voeding met voldoende vetten en eiwitten mij enorm hebben geholpen (en helpen, want ik zit middenin de overgang, met opvliegers en al).

Het boek eindigt met heerlijke recepten, die je hormonen een boost geven: de recepten bevatten veel groenten en goede vetten, zijn soms jodiumrijk en bovendien gluten-, suiker-, soja- en lectinevrij (in het boek vind je een duidelijke uitleg, waarom je deze beter kunt mijden). Misschien vraag je je af of je dan nog lekker kunt eten… Nou, dat is zeker het geval, van green overnight oats tot Marokkaanse kipspiesjes met pittige mangosalsa; van ’s ochtends tot ’s avonds ben je met heerlijke gerechten onder de pannen:-). Ik zal binnenkort mijn favorieten delen op mijn site!

Volg Vivian op haar platform en/of haar instagramaccount.

Gegevens van haar boek: Vivian Reijs, Herstel je hormonen in 10 stappen, voel je beter in 30 dagen, Kosmos uitgevers, ISBN 9789021570624

Wat is orthomoleculaire geneeskunde?

Dit filmpje kregen we cadeau van onze beroepsvereniging, de MBOG. Het legt in een notendop uit wat ons mooie vak inhoudt!

Welke supplementen kan ik beter wel slikken?

Vaak vragen mensen mij: “Orthomoleculair; dat betekent toch vooral heel veel supplementen slikken?” En dan vind ik het best lastig om een goed antwoord te geven. In de eerste plaats gaat het in de orthomoleculaire gezondheidsleer vooral om een gezond leef- en eetpatroon, met het oerdieet als oergezond uitgangspunt. Daarmee verdwijnen vaak al veel klachten – en kilo’s – als sneeuw voor de zon, en voel je je snel lekkerder in je vel. Maar…, ja, inderdaad, ik kan er niet omheen, om allerlei redenen is het – ook als je geen klachten hebt – verstandig om dagelijks een aantal supplementen te nemen. Zo blijf je niet alleen nu gezond, maar voorkom je ook op termijn zoveel mogelijk dat er gezondheidsproblemen ontstaan. In deze blog vertel ik wat je beter wel kunt nemen, en waarom.

Waarom is een basissuppletie voor iedereen wenselijk?
Daar zijn vele uiteenlopende redenen voor te geven:

  • Allereerst is het best lastig om in ons jachtige, dagelijkse leven voldoende vis, fruit (2 a 3 porties/stuks) en groente (richtlijn: 250 gram, maar zelf volg ik liever de richtlijn van 500 gram uit het oerdieet) te eten. CBS-cijfers (2015) spreken boekdelen, hieruit blijkt namelijk dat 75% van de Nederlanders niet de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden (ADH) uit de Richtlijnen Goede Voeding haalt. En hierdoor krijgen we dus te weinig binnen van allerlei belangrijke vitaminen en mineralen. Vooral magnesium is een belangrijk aandachtspunt.
  • Bovendien wordt de kwaliteit van de landbouwgrond steeds minder, zo blijkt uit een landbouwrapport van de FAO (Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties). Dit speelt onder andere in het zuiden van Europa, waar een groot deel van onze groente en fruit vandaan komt. Dit komt kort samengevat door intensieve productiemethoden en eenzijdige beplanting. Bovendien spoelt in Nederland de bodem tegenwoordig veel meer uit, door de toenemende intensiteit van de regenbuien, en met het water zinken spoorelementen verder de bodem in, en dan neemt een plant die belangrijke stofjes niet meer op.
  • Om logistieke redenen wordt fruit vaak onrijp geplukt, dan kan het langer worden bewaard voordat het verkocht wordt. Maar veel nutriënten – waaronder vitamine C – worden pas bij rijping in de zon geproduceerd.
  • Omega-3-vetzuren uit vette vis zijn belangrijk voor onze gezondheid. Echter: slechts 14% van de Nederlanders eet 2 porties vis per week. En dan is het nog maar de vraag of twee porties vis voldoende zijn om de omega-6-vetzuren en omega-3-vetzuren in balans te houden (te veel omega-6-vetzuren bevordert kort gezegd ontstekingen, en omega-3-vetzuren juist ontstekingsremmend werken). Met ook nog de kanttekeningen dat meer vis eten niet duurzaam is, en dat veel vis zware metalen bevat.
  • En dan hebben we het nog niet eens gehad over dat in Nederland de zon onvoldoende schijnt om in onze vitamine D behoefte te voorzien… En dat we vitamine D ook lastig uit onze voeding kunnen halen (dan moet je vrijwel dagelijks vette vis eten, en dat is om andere hierboven genoemde redenen weer niet zo’n goed idee).

Welke supplementen zijn een goed idee?
Al met al zijn er dus veel redenen waardoor het lastig is om dagelijks onze portie vitaminen en mineralen binnen te krijgen. Welke supplementen kunnen we dan het beste slikken om te investeren in je gezondheid, ook op langere termijn? En waar moet je op letten als je op het potje kijkt?

  • Een multivitaminen en –mineraal. Kies voor een versie die alle belangrijke mineralen (ook seleen, chroom, boor, molybdeen, jodium, mangaan, koper, zwavel en silicium) en vitaminen zoveel mogelijk in complexvorm bevat. Verder bevat de mulit synergisten (zoals aminozuren en kruidenextracten) en juist geen ongewenste hulpstoffen, zoals talk, lactose, titaniumdioxie en ijzeroxie, en al helemaal geen onnodige suikers, zoetstoffen, zetmeel, kleur-, geur- en smaakstoffen.
  • Visolie. Let erop dat de capsules in de vorm triglyceriden zijn. Krillolie (met fosfolipiden) is ook een goede keuze.
  • Vitamine C. De best opneembare vorm is een ascorbatencomplex met ondersteunende mineralen kalium, magnesium en zink.
  • Vitamine D3. Zorg ervoor dat je capsules in olijfolie koopt voor een betere opname.
  • Magnesium: ga voor de organisch gebonden vormen bisglycinaten of citraten, met als ondersteunende stof tenminste vitamine B6.

Orthomoleculair advies
Hou in principe de op de verpakking aangegeven doseringen aan. Mocht je daarvan af willen wijken, neem dan contact op. Verder zijn in deze basissuppletie bijvoorbeeld jodium, zink, selenium, curcuma en vitamine K2 niet opgenomen, terwijl het in veel gevallen een goed idee kan zijn om deze te suppleren. En mocht er sprake zijn van een chronische aandoening (denk aan darmklachten, slaapproblemen en bloedsuikerproblematiek) dan kan het noodzakelijk zijn om tijdelijk een heel ander scala aan (tijdelijke) suppletie toe te voegen.

Mocht je advies of meer informatie willen, of heb je vragen naar aanleiding van deze blog, laat het dan vooral weten!

 

Wat is edelgist?

Pas een paar jaar ken ik het bestaan van edelgist, omdat Amber Albarda me vroeg een artikel te schrijven over dit nobele goedje. Sindsdien strooi ik het regelmatig over mijn salades, met daarna wat olijfolie en balsamico eroverheen gesprenkeld… Edelgist is vooral rijk aan allerlei B-vitamines en dat is onder andere goed voor je huid, haar en nagels. Maar bovenal is het een lekkere smaakmaker vind ik. Lees meer over edelgist in het artikel Wat is edelgist.

 

 

Workshop Do’s & don’ts van koolhydraten

Ben je soms ook zo in de war door alles wat je leest of hoort over koolhydraatarm eten? En is het nou zo dat je je fitter voelt of afvalt als je koolhydraten zoveel mogelijk mijdt?

Die vragen zijn nog niet zo eenvoudig te beantwoorden, vandaar dat ik op donderdagavond 11 mei een workshop geef over de do’s & don’ts van koolhydraten.

Wil je meedoen?
Schrijf je dan in via info@margotlodewijk.nl.
Overigens: het aantal plekken voor deelname is beperkt, dus reageer vooral snel!

Een wekelijks pretpakket

kievitIn 2010 schreef ik de blog Een wekelijks pretpakket voor New Scientist (v/h NWT) over het biologisch groenten- en fruitpakket dat toen net wekelijks bij ons werd bezorgd. Aanleiding hiervoor was het schooltuintje van mijn oudste dochter, toen tien jaar oud. Elke week kwam ze vol trots met groenten als snijbiet, koolrabi en pastinaak thuis. Groenten waar ik tot die tijd wel eens van gehoord had, maar die zeker niet in mijn supermarktkarretje belanden (dat waren toch meer de standaard komkommers, tomaten, wortels, paprika, broccoli en sperziebonen). (meer…)

Optimale lunch voor een avondje uit

Ben je van plan het nieuwe jaar uitbundig in te luiden op een feestje met veel wijn, bubbels en bier? Tijdens mijn opleiding kregen we de volgende tip die je lijf – en dan met name je lever – optimaal voorbereidt op een (oudejaars)avond ‘los’ gaan. Het is absoluut meer werk dan het beleggen van een boterham met kaas, maar het voordeel is (hopelijk) dat je niet na het eerste glas al op je hoofd staat, en lekker tot ruim na twaalf uur mee kunt feesten.

Op het menu zouden vooral zwavelhoudende aminozuren en alle B-vitamines en mineralen moeten staan, oftewel: maak een lunch met bijvoorbeeld vis, ei en veel groenten. Al bladerend in mijn boeken denk ik dat ik met onderstaande ingrediënten wel een optimale lunch te pakken heb:

  • een stukje vis (bijvoorbeeld forel of kabeljauw) met geschaafde amandelen
  • een roerbakschotel met prei, wortel en knoflook
  • een salade van verse spinazie, gekookt ei, avocado en bieslook, rijkelijk besprenkeld met olijfolie en citroensap (óf deze zelfgemaakte mayonaise)

Wil je meer weten over de werking van de lever? Kijk dan bij deze blog… In ieder geval veel plezier met oud & nieuw, en ik wens jullie alvast een vrolijk en vitaal 2016!

 

Food-tips voor een 10 km-run

Met mijn loopclub (B-Fit Leiden van Saskia Bras) loop ik op 22 mei de 10 kilometer van de Leidse Marathon. Om ons ook op food-gebied optimaal voor te bereiden heb ik wat inspirerende tips voor de renners verzameld:

Over iets meer dan een week is het al zover: de 10 kilometer van de Leidse Marathon! Om zo fit mogelijk aan de startlijn te verschijnen, kun je deze week misschien wat extra aandacht aan je maaltijden besteden. Toverwoorden hierbij zijn: groenten, fruit, vlees, vis, aangevuld met eieren, noten en zaden. Zo verwen je je lijf met zoveel mogelijk eiwitten, goede vetten, langzame koolhydraten, vitaminen en mineralen.

Tip: plan vooruit en maak aan de keukentafel een weekmenu… Overigens: bij Ekoplaza kun je deze week een leuk receptenboekje Sport en voeding van hockeyster Ellen Hoog krijgen.

Receptenideeën voor de week ervoor (de recepten komen van favoriete sites van mij, waar je nog veel meer leuke recepten vindt):

Ontbijt
Ga de keuken in voor ontbijtmuffins, ei met spinazie uit de oven of zelfgemaakte granola. Of kies voor simpel en snel: een frisse fruitsalade met geroosterde noten en zaden (en eventueel yoghurt of kokosmelk).

Lunch
Salade van spinazie, gekookt ei, avocado, garnalen met zelfgemaakte mayonaise.
Quinoa salade met courgette en feta.
Dit meergranenbrood eet ik bv met pesto, humus of notenpasta (aangevuld met bv avocado of plakjes komkommer). Ook kruimel ik het wel als een soort croutons over een salade.
Vitello tonnato.
Algemene tip: knijp lekker wat citroen uit boven je salade en besprenkel ‘m met olijfolie.

Diner
Vegetarisch: aubergine-lasagne met mozzerella en parmezaanse kaas.
Met vis: wortelsalade met vis of zalmburgers.
Met vlees: parelhoen met paddenstoelen en veldsla.

Drie dagen voor de run:
Het is nu echt zaak om langzame koolhydraten te ‘stapelen’, die zitten in knollen (bv knolselderij, koolraap, aardpeer), bollen (bv bietjes, pompoen), wortelen (bv pastinaak), noten, zaden en fruit (bv mango, banaan en avocado). Bovenstaande recepten bevatten allemaal deze langzame koolhydraten. Het voordeel van langzame koolhydraten is bovendien dat ze veel vezels, vitamines en mineralen bevatten (die weer helpen bij de vertering).

Ochtend en middag voor de run:
Zelf moet ik een paar uur voor het rennen niet meer eten, maar dat verschilt per persoon. Ik ga dus voor een brunch rond 10 uur, vermoedelijk met deze ei-banaan-pannenkoekjes en leuke groene smoothie met paksoi.

Ontbijt en lunch je wel voor het rennen, dan kan je lunch het beste ook weer niet te ‘snelle koolhydraten-rijk’ zijn (geeft vlak erna een bloedsuikerdip), dus kies dan bijvoorbeeld voor een lichte warme maaltijd – vooral een kleine portie! – met wat stukjes kip/vis, geroosterde bataat (zoete aardappel) en gekookte groenten. Met niet te veel vet. Of eet een klein kommetje van deze pompoensoep, gevuld met wat garnalen of stukjes kip (handig: bereid je voor en kook de dag ervoor alvast wat extra voor deze lunch).

En tot slot…
Als we allemaal moe maar voldaan weer thuis zijn, kies dan voor een eiwitrijke maaltijd om je spieren weer een oppepper te geven. Ik heb ‘m nog niet geprobeerd, maar deze post-workout-salade lijkt me heerlijk!

Deze suggesties en recepten zijn ter inspiratie, maar maak het jezelf niet te moeilijk. Als je een drukke week voor de boeg hebt, dan is het al mooi als het je lukt zo nu en dan een avocado aan je lunch toe te voegen, of een extra appel, handje nootjes of gekookt ei…

Voor iedereen in #071, meer informatie over de looptrainingen: B-Fitleiden.  

 

Integratieve geneeskunde

Dit jaar volg ik ook een opleiding Medische Basiskennis (op dit moment houden de nieren en het hormoonstelsel me bezig:-). Tijdens een van de eerste lessen kregen we dit artikel van twee artsen over Integratieve Geneeskunde (IG) te lezen. IG houdt kortweg in: hoe kun je reguliere en ‘evidence-based’ complementaire geneeswijzen met elkaar combineren om tot de meest effectieve, minst invasieve, minst toxische en goedkoopste behandelstrategie komen. Het artikel greep mij meteen en was ook een extra bevestiging waarom ik aan de studie orthomoleculaire voedingsleer ben begonnen. IG is een wereldwijde beweging, die in Amerika, Canada en Australië al is geïnstitutionaliseerd, nu wij nog, :-)! Voor wie het interessant vindt: Geïntegreerde geneeskunde van artsen K.M. Bongers en I.A. van Rosenstiel.

 

 

Goede voornemens

Met een aantal goede voornemens loop ik al een tijdje rond en januari is natuurlijk een mooi moment om die in concrete daden om te zetten. En door ze op deze plek aan het ‘papier’ toe te vertrouwen heb ik een stok achter de deur om het de komende maanden niet alleen bij goede voornemens te laten…

Zélf bouillon maken
Allereerst heb ik telkens het gevoel dat het anders kan als ik een blokje bouillon als smaakversterker in een soep, risotto of stoofgerecht gooi. In verschillende kookboeken kom ik recepten tegen om zelf bouillon te trekken van groente en (de botten van) vlees, gevogelte, wild of vis. Op mijn lijstje staan de groentebouillon uit Oersterk koken en de bottenbouillon van de zusjes Hemsley en Hemsley, die zij als de gezondste versie omschrijven. Gelezen in Hemsley + Hemsley: een bouillon van botten zit onder andere boordevol vitaminen, mineralen en glucosamine (goed voor een gezonde darmwand), gelatine (tegen afbraak van gewrichten) en collageen, dat de conditie van je huid verbetert. Nou, wat wil je nog meer?!

Fermenteren
Het boek Het brein in je buik van Justin en Erica Sonnenburg heb ik in één ruk uitgelezen. Het gaat over de grote invloed die je darmbacteriën op je gezondheid hebben; ze spelen bijvoorbeeld een grote rol in je hormoonhuishouding, de conditie van je huid, en of je wel of niet vatbaar bent voor allergieën. Met gefermenteerde voedingsmiddelen voeg je probiotica – goede bacteriën – aan je menu toe, die je darmflora versterken. Bekende gefermenteerde producten zijn zuurkool en yoghurt. Om mijn goede voornemen om te leren fermenteren extra kracht bij te zetten, heb ik net het boek Verrot lekker van Christian Weij aangeschaft. En ik had al een aantal recepten verzameld om zelf ketchup, (kokos)yoghurt en zuurkool (de Hollandse én Koreaanse variant : kimchi) te maken. In het boek van Christian Weij kom ik vast nog veel andere leuke verrotte recepten tegen.

Foodfotografie
Tot slot: een prachtige camera is vorig jaar al aangeschaft, maar het lukt me nog niet zo de door mij gefabriceerde gerechten ook aantrekkelijk vast te leggen. Schaduwen, te saaie composities… foodfotografie is natuurlijk ook een vak apart! En omdat ik mooi beeld bij de recepten eigenlijk onontbeerlijk vind, ga ik me ook hierin de komende maanden bekwamen. Zo, dat lijken me genoeg goede voornemens voor 2016! Ik houd jullie op de hoogte van de vorderingen.

Oogstpionieren

En dan was ik afgelopen jaar opeens oogstpionier… Een luxe ‘positie’, kan ik wel zeggen. Zonder zelf te hoeven zaaien, wieden, besproeien etc. – en tegen een redelijke donatie – mocht ik wekelijks de heerlijkste groenten, fruit, kruiden, en (eetbare) bloemen oogsten op de nieuwe stadstuinderij Het Zoete Land aan de Zoeterwoudsesingel. In het begin ging ik lopend, maar op een gegeven moment pakte ik de fiets omdat de tassen met geoogste waar behoorlijk zwaar begonnen te worden. (meer…)

Pakjesavond

Binnenkort is het weer pakjesavond en ik verheug me op een heerlijk avondje thuis cadeautjes uitpakken en gedichten voorlezen rond het haardvuur. Vorig jaar togen mijn drie dochters voor het eerst samen de stad in om cadeautjes voor ons uit te zoeken. En tot mijn verrassing gaven ze mij toen een kookboek van Rens Kroes.

Dat was verrassend, omdat ze – tegen hun zin – het jaar daarvoor nogal wat veranderingen op eetgebied te verwerken hadden gehad. Ik zat veel met mijn neus in Oersterk koken en Oergondisch genieten en experimenteerde er lustig op los met quinoa, amandelmeel en allerlei minder gangbare groenten. En alhoewel ze sommige recepten best lekker vonden (kip met een cashewnoten-jasje en pompoencurry bijvoorbeeld), bekeken ze alleen al de titels van deze boeken behoorlijk argwanend. (meer…)

Orthomoleculaire voedingsleer: oud én nieuw

Onlangs ben ik begonnen aan de opleiding orthomoleculaire voedingsleer, een vakgebied – voeding als medicijn – dat aan de ene kant ouder is dan de weg naar Rome en aan de andere kant nog steeds volop in ontwikkeling is. Dat laatste vind ik alleen maar reuze interessant en maakt dat ik het gevoel heb ‘mijn ei’ de komende tig jaren in deze studie kwijt te kunnen.

Wat zijn dan recente ontwikkelingen? Allereerst speelt het World Cancer Research Fund hierin een grote rol: in 2007 publiceerde dit fonds het grootste onderzoeksrapport ooit over de invloed van voeding en lichaamsbeweging op de preventie en behandeling van kanker (www.wcrf.org). Dit heeft geleid tot duizenden onderzoeken waardoor voedingsgeneeskunde de laatste tien jaar een serieus genomen discipline is geworden binnen de ‘gewone’ geneeskunde. Waar vroeger het gebruik van voeding als medicijn vooral was gebaseerd op empirische kennis, wordt het nu – gelukkig! – ondersteund door goed onderbouwde wetenschappelijke onderzoeken. (meer…)